Voor-
en nadelen van articaïne hydrochloride (Ultracain™,
Septanest™)
Voordelen
Ultracain™ en Septanest™ kenmerken zich
door een korte inwerktijd en een grote mate van botpenetratie. Dit laatste
is niet zozeer wetenschappelijk aangetoond maar wordt ervaren door hen
die werken met dit product. Voor de patiënt kenmerkt Ultracain™
en Septanest™ zich doordat zij niet meer worden teruggestuurd naar
de wachtkamer om de verdoving "in te laten werken". Ook tijdens
de behandeling lijkt het alsof zowel Ultracain™ als Septanest™
"dieper inwerkt" dan andere middelen. Daarom kiezen steeds
meer tandartsen en kaakchirurgen voor Ultracain™ of Septanest™.
Nadelen
Voor een correcte metabolisering (afbraak in het lichaam) is articaïne
afhankelijk van enzymen uit de groep Cholinesterase. Met name Pseudocholinesterase
(PChE), ook wel genoemd ButyrylCholinesterase (BuChE), speelt een belangrijke
rol in de afbraak van articaïne in het menselijk lichaam. Zodra
dit enzym niet of in niet voldoende mate (werkzaam) aanwezig is in het
lichaam kan Ultracain™ en Septanest™ niet op de voorgeschreven
wijze door het lichaam worden afgebroken en zal het lichaam zich op
ander wijze van dit product willen ontdoen. Het is bij deze alternatieve
metabolisering dat er zich stoffen vormen welke giftig zijn en vanwege
hun giftigheid verlammingen en hersenbeschadigingen kunnen veroorzaken.
In sommige gevallen kan ook het menselijk DNA/RNA worden aangetast waardoor
kanker wordt bespoedigd. De vorm van kanker welke wordt bespoedigd door
articaïne wordt, naar onze ervaring, gekenmerkt door een hoge mate
van therapieresistentie.
De kanker kan worden behandeld met behulp van chemotherapie, bestraling
of chirurgie maar zal na enige tijd toch weer terugkeren omdat de articaïne
zich in het weefsel (vetlagen en/of hersenen) nestelt en langzaam wordt
afgegeven. Zodra de weerstand van het lichaam terugloopt door b.v. medicijngebruik,
stress of een ongezond leefpatroon, kan opnieuw kanker worden gestimuleerd
onder invloed van de voortdurende afgifte van deze onverwerkte of deels
onverwerkte articaïne uit dit weefsel.
De laatste
ervaringsresultaten geven ook de indicatie dat articaïne de stofwisseling
van vetzuren kan verstoren. Zodra meer inzicht is verkregen in de effecten
van deze onvermoede bijwerking zal deze pagina overeenkomstig door de
redactie worden bijgewerkt.
Uitleg
therapieresistentie: Therapieresistentie
ofwel weerstand tegen de therapie. Bij articaïne gedupeerden ziet
men vaak het verschijnsel dat therapieën, welke erop gericht zijn
symptomen van een aandoening te bestrijden, falen. Dit wordt naar de
mening van de Bosscher Stichting veroorzaakt doordat de schadelijk stof
(articaïne of zijn metabolieten) in het lichaam achterblijven op
enig moment "de kop weer opsteken" en de aandoening zich laat
herhalen na een aanvankelijk succesvolle behandeling. Klik
hier om terug te keren.